vrijdag 20 februari 2015

Langs de Lijn bij… Unitas C1



The Bes is back!

Juni 1997. De laatste officiële bijeenkomst van de A1 is het kamp in Limburg. Na al die jaren valt de groep uiteen. Na jaren deze groep trouw begeleid te hebben, lijkt de leiderscarrière van Wilfried Besseling voorbij. Het einde van een tijdperk. Maar wat niemand verwachtte, gebeurt toch: Wilfried gaat door. Als leider van de nieuwe C1 ditmaal. Het wordt een moeizaam seizoen, maar Wilfried zet door en met succes. Want na een anoniem seizoen staat er dit jaar een team dat alles maar dan ook alles wint en dat gegarandeerd kampioen gaat worden. We zullen het allemaal weten: the Bes is back!

Iedere maandag- en woensdagavond wordt er hard getraind door de C1. IJs, sneeuw, regen, hagel… niets kan de fanatieke C-tjes tegenhouden. Trainers zijn de al eerder genoemde Wilfried Besseling en de ambitieuze Léon Quint. Beiden hebben al een trainerspapiertje liggen en beiden gaan door voor de cursus JVT (Jeugd Voetbal Trainer). Wilfried over de trainingen: “We mogen niet klagen over de opkomst tijdens de trainingen, want vrijwel iedereen komt minimaal 1 keer en vaak zelfs twee keer trainen, wat toch gaat duiden op een goede sfeer in het team.”
Laten we vooral de derde trainer/coach niet vergeten: de altijd nadrukkelijk aanwezige Patrick van Ommeren. Met z’n drieën vormen ze een ijzersterk trio. “Denkt u nu niet van: oh dat doen ze wel even, want twee keer in de week trainen en op zaterdag op pad naar een wedstrijd. Het kost aardig wat tijd en soms geduld, maar gelukkig wint het plezier het nog altijd. En ach, vroeger was het ook wel eens wat…” aldus Wilfried.
Dat ze een fantastische sfeer creëren blijkt wel uit de vreugde waarmee de spelers op het trainingsveld en in het veld staan.

Zoals gezegd kwamen Wilfried, Léon en Patrick vorig jaar bij de C1 terecht. En sindsdien ging het met sprongen vooruit. “Nadat we het afgelopen seizoen eigenlijk voor het eerst echt bij elkaar kwamen en we eigenlijk ook best goed eindigden aan het eind van de competitie, is de groep dit jaar toch weer verder naar elkaar toe gegroeid, binnen het veld maar ook buiten het veld. Een vaste groep spelers heeft al samen een paar elftallen doorlopen en daaromheen zijn er vorig en dit seizoen weer een aantal gezichten bijgekomen. Onder deze mensen ook een aantal oude bekenden.”

Was het vorig seizoen nog hangen en wurgen met het aantal spelers, dit jaar is de C1 sterk bezet. Wilfried geeft een overzichtje van de spelers en speelsters van de C1:
-          Bas Grul: onze stormram in de goal, getraind door Herko Grobben. Bas is in zijn vrije tijd tevens bij de brandweer. Hij is een van de jongens die in het eerste jaar terugkwam naar ons, waar wij hem uiteraard nog steeds dankbaar voor zijn. Is enorm gegroeid (letterlijk en figuurlijk) als keeper zijnde.
-          Peter de Jong: is onze laatste man en zat vorig jaar nog bij de Veenendaalse selectie die toen tegen Heerenveen speelde. Is voor Bas de laatste hindernis voor onze tegenstander tijdens een aanval. Is af en toe ietsjes te enthousiast als we zeggen ‘strak dekken’ en we weten niet van wie die dat nou zou kunnen hebben: van Léon, Patrick of ondergetekende.
-          Stefan Brekelmans: kwam ook vorig jaar terug bij ons. Kwam meteen op een plek te staan waarvan hij dacht: het wordt niets, maar wat blijkt, Stefan is inmiddels uitgegroeid tot een rechtsback waarvan we kunnen zeggen betrouwbaar. Heeft alleen wel eens last van koude voeten, maar dit terzijde.
-          Jeroen van Zanten: is een geval apart. Wil altijd in de spits maar vergeet soms dat hij daar al staat en dus niet altijd even snel weer terug is. Toch kunnen we Jeroen niet missen als linksback, want alleen door zijn lengte en fantastische soms iets te lange en harde pass of afstandsschot (we zijn er nog niet uit) is hij toch zeer nuttig voor ons.
-          Daniëlle van Manen: heeft dit seizoen nog wel eens wat blessures gehad, maar als ze meedoet, dan gaat ze voor goud, net als haar andere cluppie waarvan ik de naam even kwijt ben.
-          Sebastiaan de Boer: ging ooit weg, maar kwam ook gelukkig weer terug op het oude nest. Op het middenveld regeert hij met een goed pass en ook inzicht en brengt vaak onze spitsen voor de keeper. Scoort trouwens zelf niet zo vaak, maar als hij scoort zijn ze wel heel mooi.
-          Sebastiaan Visser: speelt ook al jaren bij Unitas en is een van de weinige spelers die een eigen sponsor heeft wanneer hij scoort, maar buiten dat laat hij ook anderen scoren. Moet alleen weer ietsies sneller worden, maar daarvan zijn we overtuigd dat het lukken zal. Kortom, niet meer bij ons weg te denken in het elftal.
-          Dennis Eilbracht: onze rechtsbuiten die af en toe wat moeite heeft om de wekker te horen samen met zijn buurman, maar blijft toch een graag geziene speler. Speelde vorig jaar net als Peter in het Veenendaalse team. Heeft 1 specialiteit en dat is het missen van kansen op de doellijn.
-          Dennis Rijnties: onze spits voor wie elke kans te maken is, of via een schot, of via de inmiddels bij Bunnik bekende stiftbal. Speelt ook al jaren bij Unitas en is hier eigenlijk niet meer weg te denken.
-          Robert de Leeuw: speelt hier ook al jaren. Als linksbuiten laat hij menige tegenstanders zijn hielen zien, maar af en toe loopt hij ook zichzelf voorbij zonder dat hij het zelf weet, maar ja, daar zijn wij voor en lossen die dan ook elke week zeer subtiel op. Heeft 1 zwak: wanneer het laat werd zal hij het altijd eerlijk toegeven.
-          Meliksar Çakir: speelt vaak op het middenveld maar denkt nog wel eens Dennis Eilbracht af als deze vrij staat.
-          Zamyra van de Broek: speelt ook op het middenveld en legt vrij vaak de tegenstander in de luren, zelfs zo dat ze het ook niet eens zien.
-          Robin Mering: is ook weer terug van weggeweest en eigenlijk een speler die overal kan spelen, ook al is de plek niet altijd even leuk om te spelen, klasse. Pikt ook regelmatig zijn goaltjes mee.
-          Paul van Leeuwen: is de Pierre van Hooijdonck van ons en ook nog de buurman van Dennis Eilbracht. Trapt vaak in zijn eigen schijnbeweging, maar stuurt dan ook zijn tegenstander het bos in en sluit dan af met de kreet: jammer joh.

Dit seizoen ligt de C1 op koers voor het kampioenschap. Een 100% score, alles ruim gewonnen. Het is dan wel in de laagste klassen, maar dat mag de pret niet drukken. Iedereen kijkt al uit naar een kampioensfeestje. Want Wilfried heeft de smaak van het kampioen worden wel te pakken!


(maart 1999, met dank aan Wilfried Besseling)

zaterdag 14 februari 2015

Het Groen-Witte Hart van… Mieke de Rooij



Zeven jaar lang de motor van de jeugdafdeling
“Unitas is zo speciaal omdat je er jezelf kunt zijn”

Jarenlang was zij hét gezicht van de jeugdafdeling. Jeugdvoorzitter met een hart van goud (of van groen-wit?). Leefde jarenlang mee met alle ups en downs van de Unitasjeugd. Twee jaar geleden trad ze, met pijn in het hart, terug als jeugdvoorzitter. Iedereen weet nu natuurlijk over wie dit gaat: Mieke de Rooij, zeven jaar lang de motor van de jeugdafdeling.

Van jongs af aan is Mieke de Rooij al een voetballiefhebber. Zelf deed ze aan handbal (omdat er geen damesvoetbal was in de buurt), maar iedere zondag ging ze vanuit handbal (met vader) door naar GDA, want daar voetbalden haar broers.
Mieke handbalde bij een vereniging die wel enigszins vergelijkbaar is met Unitas. Met duidelijk plezier blikt ze terug op die tijd. Spelen op een weiland vol koeienvlaaien, met een gammele wasbak langs de kant. Zware trainingen op het strand en in de duinen (Mieke woonde bij Den Haag). Kampioen zowel in de zaal als op het veld. En, bijna verontschuldigend: “Ik heb zelfs wel eens een penalty tegen gehad.” Typerend voor Miekes karakter?

Ongeveer 12 jaar geleden kwam Mieke voor het eerst bij Unitas. Haar jongste zoon Ronald wilde op voetbal en wel op Unitas, want daar speelde diens vriendje Léon (Quint) ook. Wim Romijn (wie anders?) kreeg hier lucht van en haalde Ronald onmiddellijk bij de vereniging. De eerste keer ging vader Jan nog mee, maar aangezien hij voetbal niet zo leuk vond, liet hij zich bereidwillig aflossen door Mieke. En zo kwam het dat Mieke iedere keer weer met Ronald meeging naar Unitas. Eigenlijk was het niet de planning dat Ronald op voetbal zou gaan. In Miekes familie waren nogal wat voetbalfanaten en ze had zich eigenlijk voorgenomen dat haar zoons geen voetballers zouden worden. Oudste zoon Arjan koos ook voor waterpolo. Maar Ronald wilde per se voetballen en uiteindelijk ging Mieke overstag. Unitas was een logische keuze, niet alleen omdat Léon er voetbalde, maar ook omdat Mieke haar zoon niet op een fanatieke vereniging wilde. Uit eigen ervaring weer Mieke dat sport vooral gaat om ontspanning, niet alleen om presteren.

Iedere zaterdagochtend zat Mieke bij Unitas. En zo kwam het dat op een dag Annie Heijnen Mieke op de schouders tikte. Of ze haar wilde helpen bij de F-jes. En zo raakte Mieke verzeild in het vrijwilligerswerk bij Unitas. De volgende stap was het JOC. Dat heeft Mieke een jaar gedaan. Op dat moment was Ton Möller nog jeugdvoorzitter. Toen deze zo’n 9 jaar geleden te kennen gaf te gaan stoppen en eerste keus Jacques van der Pijl geen jeugdvoorzitter wilde worden, tipte hij Mieke bij voorzitter Chris Besseling.Chris benaderde Mieke, maar zij voelde er eigenlijk niet veel voor. “Ik vond dat er veel andere mensen waren die meer geschikt waren.” Ze vroeg en kreeg bedenktijd. Men bleef volhouden dat ze uitermate geschikt was om jeugdvoorzitter te worden. “Tja, en uiteindelijk ga je dan overstag.”

Zeven jaar lang was Mieke jeugdvoorzitter en ze gaf zich met hart en ziel aan die taak. Bijna altijd was ze aanwezig, ze kende alle jeugdleden bij naam. “Je hebt toch een voorbeeldfunctie.” Mieke beschrijft zichzelf als iemand die “gewoon het werk oppakte dat er was.” De beloning vond ze naar eigen zeggen in het werk zelf. Uiteindelijk werd het te veel voor Mieke. “Het breekt op als je steeds met zoveel rekening moet houden, met verleden en heden, dat je nooit iemand voorbij mag lopen. Het werd voor mij persoonlijk te zwaar.” Voor Mieke kwam op de eerste plaats dat anderen goed in hun vel zaten. Ze trok zich alles (te) persoonlijk aan. “Je wordt wel wijzer, laat wat meer langs je heen gaan, maar ik kon toch niet alles loslaten. Zo ben ik nu eenmaal niet.”
De druk werd te groot, de belasting te zwaar. Het ging Mieke lichamelijk opbreken. “En als het lichamelijk niet goed gaat, gaat het geestelijk ook niet goed.” Zo kwam het dat ze na zeven jaar stopte als jeugdvoorzitter. “Het deed heel veel pijn, ik wilde het graag volhouden tot het jubileum, maar het kon niet anders.” Haar afspraak met Wilfried Besseling heeft ze gelukkig wel na kunnen komen: ze hadden een deal gesloten dat ze door zouden gaan tot de A. En dat lukte, al was er nogal wat inspanning voor nodig om de A1 er ook daadwerkelijk te laten komen. Bij het kampioenschap van de toenmalige B1 deelde Mieke ook een beetje mee in het succes.

Na haar afscheid kon Mieke de Rooij Unitas nooit helemaal loslaten. “Het is een heel stuk van je leven, je wil er toch bij betrokken blijven. Het zal je nooit meer helemaal loslaten. Misschien is dat wel het Unitasgevoel.” Mieke komt nu nog iedere woensdagmiddag even buurten en bij bijna alle jeugdactiviteiten is ze vaste gast.
Waarom is Unitas voor Mieke zo speciaal? Ze voelt zich er thuis en wat voor haar heel belangrijk is: “Omdat je er jezelf kunt zijn, wie je bent, hoe je bent of waar je vandaan komt. Dat zou eigenlijk iedereen moeten proberen te handhaven. Dat gebeurt niet altijd en dat is jammer. Iemand die zich niet openstelt, zal zich bij Unitas nooit helemaal op z’n gemak voelen. Die mensen haken vaak af.”
De mooiste herinnering van Mieke is de periode dat de jeugd zo ontzetten har aangroeide en de kampioenschappen van de elftallen, met als topper de B1. Dieptepunt was het verlies van een heel elftal, de C1 van een aantal jaar terug. De kampweekenden en de playbackshows noemt Mieke als hoogtepunten op het recreatieve vlak. “Dieptepunten op dat vlak heb ik in mezelf een plaatsje gegeven, daar praat ik liever niet over, om onnodig kwetsen te voorkomen.”

Over de toekomst van Unitas zegt ze: “Een duistere toekomst toch wel.” Ze wijst hiermee op de overgang van de jeugd naar de senioren die vaak moeizaam verloopt. Bij de oudere jeugd ging het er altijd zo gedisciplineerd mogelijk aan toe. Bij de senioren valt die discipline dan plots weg (spelers die zomaar niet op komen dagen of te laat aanwezig zijn). Bovendien worden spelers die jaren met elkaar hebben gevoetbald opgesplitst. Sommige jonge spelers zijn teleurgesteld en verliezen de motivatie. “Veel spelers vallen dan in een gat. En worden afhakers. Er is geen goede afstemming tussen jeugd en senioren. Als de brede basis behouden zou blijven, waren de perspectieven beter.”

Uiteraard krijgt Mieke de Rooij nog de gelegenheid voor een slotakkoord. “Wees alsjeblieft zuinig op de jeugd, dat is zo mooi om mee te werken. Steun die mensen die werken met de jeugd, zorg dat ze niet te veel last op hun schouders krijgen, zorg dat ze niet afhaken. Wees zuinig op ze.”

(maart 1999)