maandag 6 april 2015

Het Groen-Witte Hart van… Ermes Poletto



“Ik ben met Unitas opgegroeid”

In het vorige clubblad kondigde ik een interview met Antoon Odijk aan. Helaas was Antoon verhinderd, maar gelukkig was Ermes Poletto bereid om diens plek in te nemen in deze rubriek. Ermes Poletto is binnen Unitas een veel gezien gezicht en dat al decennia lang. Op dit moment is Ermes de leider van het derde elftal, maar daarvoor heeft hij al vele functies binnen onze club vervuld. Niet voor niets werd Ermes tijdens het 40-jarig jubileum onderscheiden als Lid van Verdienste. Een interview over bijna 50 jaar Unitas, over lekkende tenten en verbaasde pastoors…

Ermes kwam in 1951 op 12-jarige leeftijd bij Unitas voetballen (in die tijd kon je voor je 12e nog niet op voetbal). Na twee jaar verliet hij de club echter al weer: hij had geen voetbalschoenen en zijn ouders wilden die niet betalen. Ermes ging werken bij VSW, dat in die tijd een eigen voetbalploeg had: de Triangelboys. Van VSW kreeg Ermes wel voetbalschoenen en zo speelde hij twee jaar in het tweede team. En toen kwam pastoor Beckers. Deze pastoor probeerde alle rooms-katholieke voetballers die niet bij Unitas speelden naar de club te halen. Ook Ermes werd benaderd. Zo’n zeven man, waaronder Ermes Poletto en Chris Besseling, gingen overstag. Ermes speelde bij Unitas tot hij 27 of 28 jaar was. “Toen vond ik het wel genoeg. Ik heb nog wel een paar keer met de veteranen meegedaan.” Hij speelde zo’n drie jaar in het eerste, waaronder het kampioensjaar ’62-’63. Ermes speelde als echte linkspoot op linkshalf of linksbuiten. Hij vond zichzelf niet echt een geweldige speler. “Ik was geen echte uitblinker, een van de minderen eigenlijk, maar ik kon wel hard schieten. In het kampioensjaar heb ik nog verschillende goals gemaakt.”

Ook nadat Ermes Poletto zijn voetbalschoenen aan de wilgen had gehangen, bleef hij bij Unitas. In de loop der jaren heeft hij heel wat functies gehad. Zo was hij een jaar of zes poolsecretaris. “In die tijd kwam de voetbalpool nog bij de vereniging. Ik ging iedere donderdag en vrijdag de poolformulieren ophalen bij iedereen die bij Unitas poolde. De mensen waren vaak te lui om ze te komen brengen.” Als poolsecretaris zat hij uiteraard ook in het hoofdbestuur.
Behalve poolsecretaris was Ermes ook jarenlang leider, eerst samen met Chris Besseling, later jarenlang met Emiel van de Heuvel. Eerst vier jaar bij zijn zoon Gina (F tot en met D). Daarna ging hij naar een ander D-team, “omdat je zoon altijd in de min zat. Moest er iemand gewisseld worden, dan was hij natuurlijk de klos. Dan wed Gino weer ontzettend kwaad.” Bij dat andere team (met o.a. Nicol Romijn, Peter Rutten en Bert Roeterdink) bleef hij leider tot en met de C. Het grootste succes dat Ermes als leider had behaald is toch wel het winnen van het zaalvoetbaltoernooi van DOVO met de D. “Dat was voor Unitas heel bijzonder.”
Ermes heeft ook nog een tijd in het jeugdbestuur gezeten, waarvan een blauwe maandag als jeugdvoorzitter. “Dat was geen baan voor mij, ik ben geen spreker.” Ermes was er dan ook niet rouwig om toen het bestuur met een nieuwe voorzitter aan kwam en vroeg of Ermes terug wilde stappen. “Nou, heel graag,” was diens reactie.

Met ingang van het 25-jarig jubileum maakte Ermes Poletto deel uit van de Jubileumcommissie. Iedere vijf jaar was hij weer van de partij, maar het 50-jarig jubileum was voor hem de laatste keer. “Ik vind het wel genoeg, het is nu maar eens tijd voor andere mensen.” Ermes vond het voorbereiden van de jubileumfeesten en de reünies heel leuk werk. “De voorbereiding is altijd wat minder, maar als de reacties dan leuk zijn is het mooi. Op het 50-jarig jubileum kwamen ook zo veel goede reacties. Ik heb er enorm van genoten, vooral van de receptie van het bestuur en zo. Het was echt veel werk, maar alles was goed georganiseerd.”
Wel gooide het slechte weer bijna roet in het eten bij het laatste Jubileum. Ermes vertelt dat het die dag zo ontzettend hard waaide, dat zelfs de politie erbij kwam met de mededeling dat de feesttent eigenlijk niet kon blijven staan. Gelukkig is het feest toch doorgegaan, maar de tent moest wel helemaal dicht blijven. Het was niet de eerste keer dat er problemen waren met de tent: “Bij het jubileum 10 jaar geleden lekte het zelfs in de tent. Overal stonden emmers om het water op te vangen. Maar de bierkraan bleef wel stromen!”

Zoals gezegd is Ermes de laatste jaren leider van het (nu) derde elftal, het Vriendenteam. Toen dat team werd opgericht hebben de spelers Ermes benaderd om leider te worden. “Dat leek me wel wat. Het is echt een gezelligheidsteam. Dat is het de eerste jaren zeker geweest en nu nog trouwens. Ik wil nog wel leider blijven als het doorgaat zoals het nu gaat. Maar als het minder leuk wordt, hou ik er onmiddellijk mee op.”

Ermes voelt zich een echte Unitasser. “Ik ben ermee opgegroeid. Het is een gezellige vereniging. Ik kan goed overweg met de mensen die zich voor de vereniging inzetten. Bovendien drinken ze er een pilsje en daar ben ik ook niet vies van…”
Ermes bewaart veel leuke herinneringen aan Unitas. Behalve (kinder)carnaval en de meegemaakte kampioenschappen binnen de club, zijn er veel dingen die hij niet snel zal vergeten. Alhoewel hij beweert geen prater te zijn, komt er een groot aantal leuke anekdotes op tafel. Zoals de uitwisseling met het Duitse Rhenania uit Kleef.=, die bij veel oud-spelers goede herinneringen oproept. “Aan het eind van de avond moesten we van de pastoor de bus in om naar huis te gaan. De spelers via de voordeur de bus in, deden we de achterdeur weer open en liepen er daar weer uit, rechtstreeks de kroeg weer in. De pastoor had niets in de gaten, die begreep er niets van hoe het kwam dat er plots weer zoveel in de kroeg zaten…” Ook het voorval met de laars van Hennie Drost is Ermes altijd bijgebleven. Hennie Drost had zo’n ‘stiefel’ gekocht, een groot bierglas in de vorm van een laars. “Hij was er de hele reis zuinig op geweest, hield ‘m de hele tijd dicht tegen zich aan zodat ‘ie niet kapot ging. We kwamen aan bij de kerk en Hennie stapt uit, iemand geeft hem een tik en de laars vliegt helemaal aan scherven. En daar was hij de hele reis zo zuinig op geweest!”

Ermes denkt niet dat Unitas in de toekomst veel zal veranderen. “Het blijft een vereniging waar je je behelpen moet. Een gezellige vereniging met weinig uitschieters. Goeder spelers zijn zo weg, er zijn genoeg kapers op de kust. Unitas heeft al diverse voetballers opgeleid die na een paar jaar naar een andere vereniging gingen. Je kan zo’n speler moeilijk tegenhouden als hij echt hogerop wil.”

Net als alle anderen die in deze rubriek in de picture worden gezet, krijgt ook Ermes Poletto nog de gelegenheid tot een slotwoord. “Ik hoop dat de vereniging nog lang blijft bestaan en dat er genoeg vrijwilligers blijven om door te gaan. Verder hoop ik dat we niet samen gaan met andere verenigingen, en zeker niet met Veenendaal!”

(juli 1999)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten